EK-HISTORIE

 

 

 


EURO 2000

11e EK

Organiserende landen: Nederland en BelgiŽ

Winnaar: Frankrijk

Onderstaande documenten zijn pdf-bestanden.


Voor de start

Door de uitbreiding naar 16 landen in de eindronde ontstond ook de mogelijkheid om het toernooi door twee landen te laten organiseren, in de wetenschap dat veel landen niet over acht grote stadions met meer dan 30.000 plaatsen beschikten, om nog maar te zwijgen over infrastructuur en financiŽle middelen.

Al in 1994 stond Euro 2000 op de UEFA-agenda, een bewijs dat het toernooi van steeds groter belang werd. Opgegeven voor de organisatie hadden zich Spanje, Oostenrijk/Zwitserland en Nederland/BelgiŽ. De gezamenlijke kandidatuur van Nederland en BelgiŽ was vanaf het begin een van de belangrijkste. Nederland was in 1976, 1980 en 1996 al kandidaat geweest, maar voortijdig afgevallen.

Onder verantwoordelijkheid van Harry Been en Alain Courtois ging er van de Lage Landen met succes een stevige lobby uit. Enige probleem was dat er niet genoeg grote stadions waren, maar er waren plannen voor bouw of uitbreiding van stadions in Eindhoven, Luik en Charleroi.

Op 14 juli 1995 besliste het EK-comitť unaniem voor Nederland en BelgiŽ, ook omdat de andere kandidaten waren afgevallen. Het was weer een noviteit en een mooie test voor de WK 2002 die ook door twee landen werd georganiseerd (Japan / Zuid-Korea).

De eindronde kreeg een andere naamstelling met de internationale term EURO 2000.

 

Op het WK 1998 maakte Frankrijk grote indruk, waardoor Europa weer aan de wereldtop stond, met Nederland en KroatiŽ net daarachter. De aloude toplanden Duitsland, Spanje, Engeland en ItaliŽ bleven op gepaste afstand achter.

In de Champions League won Real Madrid twee maal (1998 en 2000), Borussia Dortmund in 1997 en Manchester United in 1999.

De topclubs kochten liever goede spelers dan aandacht besteden en investeren in jeugdopleidingen. Gevolg was, mede door het Bosman-arrest enorme transferbedragen, waardoor clubs diep in de schulden kwamen. Real Madrid bv. kocht maar raak, maar de schuldenlast op het Bernabeu-stadion werd steeds groter.

De Europa-Cup was vervangen door de Champions League, meer een competitie van meerdere clubs uit de grote landen, dan een toernooi voor de landskampioenen. De kleintjes konden zich alleen via een voorronde kwalificeren. Voordeel was dat de meeste topclubs er elk jaar bij waren, veel kaskrakers op de agenda kwamen en er (veel) geld verdiend kon worden, nadeel was dat het verschil tussen rijk en arm alleen maar groter werd.

De topspelers waren popsterren met enorm veel geld en aandacht, omringd door bodyguards en paparazzi. Een managementteam zorgde voor de marketing, reclame, aandacht en inkomsten uit sponsorbijdragen, portretrechten, tv-rechten etc. Voetbal was een industrie waarin gigantische bedragen circuleerden.

 

De loting

Door de volle speelkalender stelde de UEFA een strak schema vast met vaste speeldata voor de kwalificatiewedstrijden voor heel Europa. Door de deelname van nieuwelingen Andorra en BosniŽ-Herzegovina kwam het totale aantal op 53, waarvan de twee gastlanden direct geplaatst werden voor de eindronde.

Het nietige Andorra lootte tegen de wereldkampioen Frankrijk. Een andere pikante uitkomst was de indeling van JoegoslaviŽ tegen KroatiŽ en MacedoniŽ.

Meest interessant op sportief gebied waren groep 4 (Frankrijk, OekraÔne en Rusland) en groep 5 (Engeland, Zweden, Bulgarije en Polen).

 

2008 2004 2000 1996
1992 1988 1984 1980
1976 1972 1968 1964
1960 Voorgeschiedenis    

 

 

Home